HOLD YOUR HORSES
Een grand opéra de trash
Met Hold Your Horses (HYH) ontmantelt en herbouwt Serge Verstockt het model van de 19de-eeuwse grand opéra — met al zijn koren, spektakel en maatschappelijke ambitie — maar dan voor een gefragmenteerde 21ste-eeuwse realiteit.




Grand opéra, revolutie en relevantie
In 1828 schrijft Daniel-François-Esprit Auber met La Muette de Portici wat vaak de eerste echte grand opéra wordt genoemd: vijf bedrijven, grote koren en orkesten, spektakel, een verhaal op maat van de burgerlijke 19de eeuw. De geschiedenis heeft het stuk vooral onthouden omdat een opvoering in de Brusselse Muntschouwburg in augustus 1830 mee de lont aan het kruitvat van de Belgische Revolutie stak. De kunst leek rechtstreeks in de geschiedenis in te grijpen.
Hold Your Horses vertrekt vanuit de vraag:
Kan een nieuwe opera vandaag nog zo’n maatschappelijke impact hebben?
En, even scherp: wil ze dat nog?
Tussen Auber en vandaag ligt een wereld van verschil. De grote ideologieën zijn uitgehold, het neoliberalisme is de dominante logica geworden, met een lange schaduw: ecologische crisis, sociale ongelijkheid, financiële instabiliteit. De norm heet efficiëntie, succes wordt in cijfers uitgedrukt, en we blijven maar dóórrennen. In HYH krijgen zelfs de boerenpaarden in de binnentuin van deSingel oogkleppen: een beeld voor onze collectieve, koppige gerichtheid op vooruit, vooruit, vooruit.
“Hold Your Horses” – even stilhouden
De titel is tegelijk waarschuwing en uitnodiging: Hold your horses! – even inhouden. In plaats van zich te verliezen in nog een groot verhaal, zoomt HYH in op het groeiende gevoel: zo kan het niet verder.
Hier sluit Verstockt aan bij denkers als Peter Sloterdijk, die onze wereld beschrijft als een schuim van talloze, parallelle bubbels en leefwerelden, zonder helder centrum. De klassieke opera was gebouwd rond een duidelijk dramaturgisch traject; HYH gaat precies het tegenovergestelde doen: de conventies van de grand opéra opblazen en fragmenteren.
Grand opéra de trash – vorm & structuur
De klassieke grand opéra speelt zich af in vier à vijf zorgvuldig opgebouwde bedrijven, met daartussen entr’actes en – in Parijs – verplicht een uitgebreid ballet in de tweede akte. HYH neemt dat model ernstig genoeg om het helemaal te kunnen ontregelen.
- De voorstelling bestaat uit 27 actes en entractes: korte, vaak schokkend verschillende scènes.
- Het onderscheid tussen hoofd- en tussenspel vervaagt: entr’acte wordt acte, acte wordt intermezzo, alles schuift in elkaar.
- De traditionele hiërarchie tussen solisten, koor, orkest, ballet en publiek maakt plaats voor een vlakke structuur waarin muzikanten, performers, amateurs, machines en toeschouwers door elkaar heen bewegen.
Het resultaat noemt Verstockt een “grand opéra de trash”: niet alleen omdat er gewerkt wordt met ruw, ongepolijst klankmateriaal, maar ook omdat het hele operainstituut liefdevol wordt ontmanteld en gerecycleerd. Trash is hier geen stijl alleen, maar een houding: niets is te banaal of te ‘laag’ om niet in het werk te worden geïntegreerd.
Civil disobedience & Gene Sharp
Het inhoudelijke zwaartepunt van HYH is burgerlijke ongehoorzaamheid (Civil Disobedience). Een belangrijke onderlaag is de beroemde lijst van 198 Methods of Nonviolent Action van politicoloog Gene Sharp. Die catalogus van niet-gewelddadige verzetsvormen – van symbolische gebaren en protestmarsen tot stakingen, boycotacties, sit-ins en alternatieve instituten – fungeert in HYH als een soort verborgen libretto.
Veel van Sharps methodes keren verkleed terug in de enscenering en de muzikale dramaturgie:
- het bezetten en herdefiniëren van ruimtes,
- het manipuleren van communicatiestromen,
- het opzetten van alternatieve netwerken en rituelen,
- het speelse, soms clowneske verzet (humorous skits and pranks, guerrilla theatre).
HYH is géén pamflet en biedt geen oplossingen, maar laat het publiek de spanning voelen tussen opera als representatie en kunst als daadwerkelijke interventie in een politieke en sociale realiteit.
Virtualiteit, media en opera aperta
Naast de historische grand opéra resoneert er nog een ander boek mee: Umberto Eco’s “Opera aperta”, waarin het idee van het “open werk” centraal staat. HYH is in die zin een open, modulaire opera:
- inhoud en vorm liggen niet volledig vast;
- elke uitvoering kan anders verlopen;
- het publiek speelt niet alleen de rol van toeschouwer, maar wordt ook drager en medeschepper van materiaal.
Nieuwe media zijn geen illustratie, maar dramaturgische motor:
- Smartphones en ringtones worden ingezet als muzikaal instrument en als sociaal filter: wie geen smartphone heeft, dreigt letterlijk buiten de klankruimte te vallen – artistieke reflectie op digitale uitsluiting.
- Online platforms en social media maken deel uit van de partituur: video’s, streams en posts vormen verlengstukken van het podium.
- Virtuele figuren zoals Hatsune Miku, de Japanse Vocaloid-“zangeres”, verschijnen als symbolen van een cultuur waarin stemmen en lichamen steeds vaker via schermen bemiddeld worden.
Zo ontstaat een gelaagde dramaturgie waarin fysieke aanwezigheid (muzikanten, paarden, stofzuigers, orkest) en virtuele verschijningen (avatars, streams, online commentaren) voortdurend door elkaar lopen.
Schuim, fragment en het verdwijnen van duidelijke grenzen
Sloterdijks beeld van het schuim – vele bellen naast elkaar, in plaats van één grote sfeer – is een sleutel tot de vorm van HYH:
- Grenzen tussen centrum en periferie zijn onduidelijk. Waar speelt het echte “hoofdverhaal” zich af? In de zaal, de foyer, de binnentuin, de tunnel onder de Schelde, de online omgeving?
- De verhouding tussen binnen en buiten verschuift: opnames van paarden in deSingel-tuin circuleren op het web, terwijl online beelden de zaal binnenstromen.
- De scheidslijn tussen ernst en trash, tussen filosofisch discours en popcultuur, tussen Webern en ringtone, tussen John Cage en manga, wordt nadrukkelijk poreus.
Het leven – en dus ook deze opera – voltrekt zich op meerdere podia tegelijk. HYH omarmt precies die gefragmenteerde structuur en weigert de illusie van één sluitend narratief.
Van tunnels tot paarden: open begin, open einde
Zelfs begin en einde van de opera zijn niet eenduidig. De “ouverture” van HYH vond al eerder plaats via tunnelperformances in de Scheldetunnel bij Petroleum Zuid, waar muziek en verkeer, kunst en dagelijks leven zich vermengden. Die acties bleven als videofragmenten online circuleren, lang voor het publiek in deSingel de zaal binnenstapte.
In de aanloop naar de première grazen echte paarden in de binnentuin van deSingel. Hun traagheid en koppigheid werken als contrapunt voor de opgevoerde efficiëntielogica van buiten de muren. De beelden van die paarden worden live gestreamd in de gangen en online – opnieuw een verschuiving tussen binnen en buiten, kunst en leefwereld.
Zoals bij Auber in 1830 kan de grens tussen podium en straat ook hier poreus worden: HYH sluit niet uit dat het publiek, eenmaal geactiveerd, de zaal verlaat met meer dan alleen een esthetische indruk.
Collectief, coöperatief, ChampdAction
De afkorting SV verwijst tegelijk naar een juridische coöperatievorm en naar Serge Verstockt zelf. HYH speelt met dat dubbele beeld: de componist als CEO van een tijdelijke, artistieke coöperatie, een Samenwerkende Vennootschap van performers, technici, denkers en organisaties. Verstockt “com-ponit” – hij stelt samen – maar lost als individueel auteur gedeeltelijk op in de flux van het collectief, het nu-moment en de virtuele lagen van het werk.
HYH is daarmee typisch ChampdAction:
- radicaal multidisciplinair,
- diep verankerd in actuele artistieke en technologische praktijken,
- en tegelijk expliciet gericht op het kritisch bevragen van maatschappelijke structuren: macht, economie, technologie, kunstinstituut.
Speeldata & context
Hold Your Horses ging in première op woensdag 22 mei 2013 in deSingel (Antwerpen), in het kader van Opera XXI – Biënnale hedendaags muziektheater, met verdere voorstellingen in deSingel en het Concertgebouw Brugge.De productie is een initiatief van ChampdAction – internationaal productiehuis voor nieuwe muziek en multidisciplinaire kunstprojecten, in samenwerking met onder meer deSingel, Concertgebouw Brugge en Vlaamse Opera / Opera XXI, en met een grote cast van musici, performers, technici, denkers, verenigingen en – niet te vergeten – paarden.


Pingback: Muette De Portici – Serge Verstockt
Pingback: A nod to Webern – Serge Verstockt